Autisten voelen zich veilig tijdens gamen
20-09-2011
EINDHOVEN – Er is een link tussen gamen en autisme. Dat viel Erno Mijland en Herm Kisjes op in hun gesprekken met gamende jongeren en hun ouders. Kinderen met autisme vinden het moeilijk met hun ouders te overleggen over het moment dat ze moeten stoppen met gamen. Ook vinden ze het moeilijk het spel af te breken. En ze gaan helemaal in het spel op. Dat zijn de conclusies van Mijland en Kisjes.
Uit eerder wetenschappelijk onderzoek bleek dat er onder mensen met autisme acht keer vaker een verslaving voorkomt dan bij anderen. Het verband met games wordt in het wetenschappelijk onderzoek nog niet gemaakt. Mijland en Kisjes hebben zich een jaar verdiept in de wereld van gamen en autisme via gesprekken met deskundigen, een enquête en het begeleiden van jongeren die problemen hebben met gamen. Ze schreven er een boek over, Gamen en autisme. Daarmee willen ze ouders en kinderen met autisme handvatten geven rondom hun gamegedrag.
Jongeren met autisme voelen zich extra aangetrokken tot games, omdat die wereld voorspelbaarder is dan de echte wereld. Autisme zorgt ervoor dat deze jongeren informatie anders verwerken. Ze hebben moeite met emoties, plannen en sociale activiteiten, waardoor ze minder goed kunnen ontspannen. Voor ouders is het vaak moeilijk goed contact met hun kind op te bouwen. Games bieden een strikte logica, duidelijk afgescheiden levels en een zekere beloning bij het bereiken van bijvoorbeeld de finish. De jongeren kunnen veel leren van games. Kees (29 jaar) weet dat gamen ontspant en kalmeert. Het prikkelt zijn fantasie. Ryan ( 12 jaar) heeft na de kleuterschool nauwelijks vooruitgang geboekt in zijn ontwikkeling. Maar hij heeft zichzelf wel leren typen, ook is hij zuinig op zijn computer en hij geeft een spel niet op als het even niet lukt. ‘Als Ryan games speelt, is dat voor ons allebei ontspannend’, vertelt een van zijn ouders in het boek. ‘Hij geniet van het spelen, ik van het feit dat hij even geen dingen doet die gevaarlijk zijn. Hij kan het gamen twee tot drie uur geconcentreerd volhouden. Bij veel andere activiteiten houdt hij het meestal maar een paar minuten vol. Als hij gamet, vertelt hij me wat hij aan het doen is. Daarop kan ik reageren en zo hebben we iets van een gesprekje.’
Het boek verwijst ook naar games die speciaal voor autisten ontworpen zijn, zoals een spel dat helpt bij het leren herkennen van gezichtsuitdrukkingen. De jongeren leren tijdens het gamen ook het een en ander over het maken van vrienden. Bianca ( 27 jaar): ‘ Ik kan geen twee dingen tegelijk. Luisteren en het kijken naar een gezicht, is in een game niet nodig. Ik was altijd angstig om te praten. Online gamen is voor mij dus erg fijn. Het is dé manier om contact met anderen te hebben.’ De jongeren met autisme zijn vaak erg goed in het gamen: ‘Ik vind het supercool om te zien dat hij alles zelf uitvogelt. Hij weet geheime weggetjes die wij niet ontdekt hebben. Hij is hier beter in dan de kinderen hier in de straat, ook al zijn die al 12 of 13’, zegt Bart, vader van de 5-jarige Sam. Henri ( 29 jaar) stelt zelfs: ‘ De meeste topspelers zijn autistisch. Zij moeten een enorme focus hebben en mensen met autisme hebben dat als het gaat om hun interesse. Die focus kan je helpen in een beroep, zoals in de ICT.’ door Marieke Westerterp
Bron:"Autisten voelen zich veilig tijdens gamen" TC Tubantia 20/09/2011 | | | | |
|
laatste wijziging: 20 september 2011 |
|