DEN BOSCH – Mensen met een arbeidshandicap die nu bij een sociale werkplaats werken, moeten zoveel mogelijk aan de slag bij gewone werkgevers. Dat is het plan van het kabinet Rutte, dat daarmee 700 miljoen euro wil bezuinigen.
De SP en PvdA vrezen dat daardoor z’n 30.000 mensen in sociale werkplaatsen hun baan verliezen en terugvallen op een uitkering. Omdat ook de uitkeringen omlaag gaan, dreigt armoede voor deze SW’ers.
Om de kabinetsplannen te keren was er zaterdag in Den Bosch de manifestatie ‘Armoede werkt niet’. DaisyWagenaar (51) werkt al dertig jaar in de sociale werkplaats van Ede. Ze heeft een verstandelijke beperking. Daisy werkt op de inpakafdeling van Permar, een bedrijf dat sociale werkplaatsen exploiteert. „Tandpasta, kerstpakketten, van alles pak ik in.” Ze werkt 36 uur per week en krijgt daarvoor per maand ongeveer 1100 euro netto salaris. Het is net genoeg om haar huur en andere vaste lasten van te betalen.
„ Maar het wordt steeds krapper”, verzucht ze. „ Drie keer per week krijg ik zakgeld van mijn broer (die haar geld beheert, red.). Soms wil ik iets kopen, zoals een winterjas of een kant-en-klaarmaaltijd, maar dan zegt hij dat het niet kan omdat er geen geld is. De kant-en-klaarmaaltijden heb ik nodig omdat ik vanwege pijn in mijn handen moeilijk kan koken.
” Voor Daisy verandert er weinig, als de bezuinigen van het kabinet doorgaan. Ze heeft een vaste aanstelling, dus ze is verzekerd van een inkomen. Maar alles wordt wel duurder. Bovendien moet ze waarschijnlijk wel tot haar 67ste doorwerken. Wagenaar lacht ingehouden. „We houden de moed erin.”
Collega Patrick Metselaar (45) uit Bennekom heeft sinds zijn zestiende reuma. „Ik heb mijn timmermansdiploma, maar ik heb er nooit wat mee gedaan. We hebben je niet nodig zeiden ze als ik ergens solliciteerde.” Elf jaar werkte hij via de sociale werkplaats bij een drukkerij, maar nadat die werd opgeheven, zat hij vijf jaar in de ziektewet en aansluitend in de WAO. „Vorig jaar heb ik in het bedrijfsleven bij een koeriersdienst gewerkt, maar daar had ik te veel pijn door het zware tillen. En het tempo lag te hoog voor mij.”
Sinds vorig jaar werkt hij bij Permar op de inpakafdeling. Omdat hij maar 20 uur kan werken, wordt de rest van zijn salaris aangevuld met een WIA-uitkering. Bij elkaar is dat 1150 euro netto. „Ik kom eigenlijk elke maand tekort. Ik vul het ene gat met het andere en bezuinig vooral op eten. Naar de voedselbank hoef ik gelukkig niet; ik heb een grote vriendenkring.”
Anita van Silfhout (47) maakt zich grote zorgen. „Ik kan wel janken, mijn hart bloedt. Volgende week dinsdag is mijn laatste dag bij Permar. Mijn jaarcontract is niet verlengd omdat de gemeente door de bezuinigingen geen geld meer heeft.
” Van Silfhout stond jaren op een wachtlijst voor de sociale werkplaats. „ Mijn man verdient het minimumloon. Ik krijg straks drie maanden WW en daarna misschien een beetje bijstand. Ik zou niet weten waarop we nog kunnen besparen. Ik sta met de rug tegen de muur; ik voel me machteloos, boos en verdrietig. „Wat willen ze dan, dat ik ga stelen? Ik wil mijn handje niet ophouden, ik wil gewoon werken. Maar bij een gewone baas lukt me dat echt niet.” Door: Hans de Gram
Bron> 'Wat willen ze dan, moet ik soms gaan stelen?' TC Tubantia 29/11/2010 |