MEE Twente Lees voor met Readspeaker
lees voor
Normaal lettertypeGroter lettertypeNog groter lettertype
kleiner lettertype
Navigatie » Home » Nieuws » Archief » 2010 » September » Twents als u niet zo ‘ good te pas’ bent
Nieuws

Twents als u niet zo ‘ good te pas’ bent

10-09-2010

Ze werkt al ruim dertig jaar als verpleegkundige. Als het kan, spreekt Erna Nijkamp ‘ plat’. „ Soms zijn patiënten bijna opgelucht dat ze gewoon Twents kunnen praten.”

Ze hoort het regelmatig. Vooral van oudere pa­tiënten. „ Goh, wat mooi da’j hier gewoon plat könt proaten.” Ze heeft het als verpleegster altijd ge­daan. Heel vanzelfsprekend, op mo­menten dat ze merkte dat het ie­mand hielp.

„ Je ziet dat het vooral oudere mensen enorm gerust kan stellen. Mensen zijn te gast in een ziekenhuis, voelen zich onwennig. Als ze zich dan in hun eigen taal kunnen uiten en begrepen weten, helpt dat om zich thuis te voelen.” Eigenlijk, benadrukt ze, geldt dat voor iedereen, die in een andere taal dan het Nederlands is opge­groeid.

„ Je ziet het bij Turken of an­dere nationaliteiten ook. Het is een heel menselijk gegeven.” Erna Nijkamp (52), verpleegster en leidinggevende op de kraam- en gy­naecologieafdeling in het Almelose ZGT, is eind september een van de sprekers op het congres over streek­taal in de zorg. Als ‘ervaringsdes­kundige’. Thuis in Nijverdal spraken ze vroe­ger alleen maar Twents. Het ABN kwam er pas op school bij. Op het werk spreekt ze nog steeds graag ‘plat’, met patiënten of collega’s’ „Omdat het werkt, maar ook ge­woon omdat het lekker is.”

Een kruisvaarder voor de streektaal is ze nooit geweest. „ Je begint altijd in het Nederlands. Pas als je merkt dat het passend is, dat het mensen helpt, begin je in het Twents.”

Vooral in emotionele omstandighe­den, als iemand van slag is, kan dat het geval zijn. „ Als een patiënt net een slechtnieuwsgesprek heeft ge­had dan zijn ze soms verward, val­len eerder terug op hun vertrouw­de taal. Dan uiten ze zich makkelij­ker als ze weten dat het ook in het Twents kan.”

Maar ook in minder heftige om­standigheden werkt dat. Op de ron­des die ze met artsen langs patiën­ten maakt, bijvoorbeeld. „Vooral oudere mensen kijken nog tegen de dokter op. Als je ze dan aanmoe­digt met: ‘Ie wollen ’n dokter toch nog wat vroagen?’ dan help je ze sneller over een drempel.”

Af en toe treedt ze zelfs op als ‘tolk’ richting arts. „Ik heb het wel mee­gemaakt dat een co-assistent van el­ders een patiënt vroeg hoe het was. ‘Oh, ik bin wa weer good te pas’ zei die dan. Waarna de arts ver­moedde dat de man iets ernstigs met de benen had.”

Het gebruik van het Twents is - zo­wel bij verplegers als verpleegden ­de afgelopen dertig jaar afgeno­men, constateert ze. „Dat past in de ontwikkelingen in de maatschap­pij. Ouders spreken minder Twents met hun kinderen. Die verstaan het vaak nog wel, maar gebruiken het niet. Het is opvallend dat ik op de kraam nauwelijks nog Twents spreek, terwijl dat op de gynaecolo­gie waar ouderen liggen veel meer gebeurt.”

Gebruik van de streektaal zal daar­om in zorginstellingen - bejaarden­huizen, verpleeghuizen, hospices ­nog meer betekenis hebben dan in ziekenhuizen, vermoedt ze. „Van dementerenden is bekend, dat die vaak helemaal terugvallen op de taal van hun kinderjaren.”

Toch bepleit ze geen verplichte les­sen Twents voor verzorgenden. „Het zou onzin zijn om te zeggen dat iemand betere zorg levert, om­dat hij of zij Twents kan. Dat zou buitengewoon unfair zijn jegens heel goede collega’s. Of een patiënt zich op zijn gemak voelt, hangt van veel factoren af. Of een verpleger een klik heeft met iemand, of ie­mand inlevingsvermogen heeft. Het kan voor een patiënt, die slecht nieuws hoort soms veel be­langrijker zijn dat iemand een arm om hem slaat, dan dat ik er in het Twents op los praat.”

Dat verplegers Twents kunnen, is daarom geen vereiste. „ Ik spreek ook geen Turks. Of Pools. Veel be­langrijker is dat je beseft, dat de ei­gen taal voor patiënten heel belang­rijk kan zijn. Als je dat beseft en er rekening mee probeert te houden, je best doet, dan help je de patiënt het best. Dan voelt iemand die niet ‘zo good te pas’ is, zich vaak al iets beter. En dan is er voor alle par­tijen een win-winsituatie.”
Door: Gerard Lage Venterink

Streektaalcongres
„Het gebruik van streektaal in de zorg draagt bij aan een beter begrij­pen als zodanig, maar ook aan een gevoel van geborgenheid op een moment dat je kwetsbaar bent”, vindt Harry Nijhuis, streektaalcon­sulent bij Museum TwentseWelle.

In welke mate dat het geval is, daar­over buigen zich 24 september tal van deskundigen op het gebied van streektaal en zorg. Ze doen dat in de TwentseWelle en Prismare waar het vijfde Belgisch-Nederlandse streektaalcongres wordt gehouden.

„Helpt plat a’j plat goat? Dat is in wezen de vraag”, zegt Nijhuis, die het thema aandroeg. „ Op het ter­rein van de zorg kun je de maat­schappelijke relevantie van streek­taal duidelijk maken. Dan kun je la­ten zien dat het meer is dan - en ik bedoel dat niet negatief - voer voor wetenschappers of grappenmakers. Voor ouderen is hun eerste taal echt belangrijk. Misschien wordt dat minder, maar dat betekent ook dat zorginstellingen er nu aandacht voor zouden moeten hebben.”

Op de streektaalconferentie wor­den een lespakket over streektaal voor de opleidingen in de zorg en een website ( www. streektaalinde­zorg. nl) gepresenteerd. Het lespak­ket is gemaakt door onder anderen Albert Bartelds, streektaalconsulent van de IJsselacademie in Kampen. Het bevat een onderzoek van de UT van enkele jaren geleden, informa­tie over streektaal in de zorg, een cd en een dvd over het gebruik van streektaal.

Volgens Bartelds groeit in zorgin­stellingen langzaam het besef dat streektaal belangrijk kan zijn voor patiënten. „ Aandacht voor streek­taal is deel van het groeiende in­zicht dat zorg meer is dan medica­menten in iemand ‘schieten’ .

Inschrijving voor het congres kan nog. Deelname kost 20 euro ( inclu­sief lunch en bezoek aan TwentseWel­le). Aanmelden kan via Harry Nijhuis, telefoon 053-4807680 of per e-mail aan

Bron: 'Twents als u niet zo 'good te pas' bent' TC Tubantia 10/09/2010
Ga terug naar de vorige pagina
laatste wijziging: 10 september 2010

Ga naar: De Sociale Kaart
Ga naar: Vrije tijd, Recreatie & Sport
Ga naar: Vakanties
Ga naar: Bibliotheek
Ga naar: Ook jij! (let op: Opent in nieuw venster)