Zojuist is hij afgezwaaid als consulent maatschappelijke activering van MEE Twente dat mensen met een beperking ondersteunt met allerlei levensvragen en op allerlei levensgebieden. Een leven lang in dienst van anderen, dat zou op Ruud Souverijn (64) kunnen slaan.
Hij zegt dat het interview niet om hem moet gaan, maar om de duizenden vrijwilligers die al die jaren bij elkaar zijn gekomen om allerlei activiteiten voor mensen met een handicap mogelijk te maken. „Man, wat had ik een mooie baan met het begeleiden van al die geweldige mensen. Vrijwilligers samen vormen de uitgestoken hand naar de samenleving.” Ruud Souverijn heeft intussen genoten van ‘een fantastisch afscheid’ bij MEE Twente. Er waren zo’n 250 mensen op de receptie. „ Geen hotemetoten, geen blabla, alleen maar warme mensen die betrokken zijn bij elkaar”, zegt hij. „ En het mooiste is, er kwam geen nota aan te pas om deze mensen bij elkaar te krijgen.” Pakweg 34 jaar geleden begon de toen jonge idealist Ruud Souverijn als consulent gespecialiseerd jeugd en jongerenwerk binnen de Sociaal Pedagogische Dienst Twente, nu MEE Twente. Hij zag dat er voor mensen met een beperking nog niet veel voorzieningen waren. „Er was nog maar een gezinsvervangend tehuis voor mensen met een verstandelijke beperking in heel Twente, StichtingWoonzorg Twente. Losserhof en Het Bouwhuis waren net opgericht. De mensen daar werden vanuit de puur medische hoek beschouwd als personen die wel of niet dingen konden aanleren. Ik ben aangenomen om de vrijetijdsbesteding voor deze groep te ontwikkelen. Dat was wat, want deze mensen deden toen alles nog apart van de rest.”
Hij begon met het leggen van contacten in het buurt- en clubhuiswerk. „Dat werd geweldig opgepakt. Ik dacht; als huisvrouwen in de clubhuizen terecht kunnen, waarom de mensen met een handicap dan niet? Het sloeg direct aan. Ik had altijd genoeg vrijwilligers. Ik vond dat iedereen gebruik moest kunnen maken van gewone maatschappelijke voorzieningen en anderen vonden dat kennelijk ook.” Daarnaast werden sportactiviteiten opgezet. „We hadden sportinstuiven voor zalen met veertig, vijftig kinderen. En zwemclubs, die liepen als een trein. Op een gegeven moment hadden we 300 sporters onder de vlag van de SPD. Toen hebben we De Springplank opgericht, een sportorganisatie voor mensen met een beperking die specialistische begeleiding nodig hebben. Bowlen, streetdancen, zwemmen, de g-sport ontwikkelde zich landelijk en enorm snel. Bij De Springplank kunnen we trouwens nog wel wat vrijwilligers gebruiken.”
Liefst 25 jaar zat Ruud Souverijn in de bondsraad van wat nu heet Stichting Gehandicapten Sport Nederland, de koepel van sportorganisaties. „Ons beleid was; speciaal als het moet, gewoon als het kan! Het G-voetbal werd een enorme trekker voor de gehandicaptensport. Daarvoor ben ik in heel Twente langs geweest met het projec ‘Nooit meer langs de kant!’, onder meer metWim Brouwer van Achilles’12.”
In 1980 kwam het G-voetbal van de grond bij negen verenigingen. „ Nu zijn er al meer dan 300 G-voetballers in Twente. De scheidsrechters hebben er plezier in dat ze ook een keer een wedstrijd kunnen fluiten zonder voor hun leven te hoeven vrezen.” „Geaccepteerd worden als verenigingslid, het gezellig samenzijn tijdens de derde helft, het gevoel te hebben ergens bij te horen, dat zijn zaken die belangrijk zijn voor mensen met een beperking. De laatste jaren is er een ontwikkeling dat sportbonden ook beleid maken voor andere takken van sport zoals G-volleybal, G-hockey, G- tafeltennis en G-korfbal. De sport bleek een goed instrument om te integreren. De mensen waar het om gaat ontleenden daar veel zelfvertrouwen aan. Ze hoeven niet meer te denken; ik kan het niet. Ze krijgen kameraden.”
Ruud Souverijn stond ook aan de basis van G-vakanties. „Destijds gingen we met zes dames op de fiets naar de Achterhoek. Nu gaan er jaarlijks zo’n 800 mensen met een beperking uit heel Twente naar allerlei bestemmingen in Europa. Ze betalen dit zelf, met een kleine subsidie van de Twentse gemeenten. Het mooie is ook dat er elke keer 350 vrijwilligers meegaan. Mensen die een week vakantie opnemen om de groepen te begeleiden, dat is toch prachtig?”
Hij ervaart de laatste jaren dat het moeilijker wordt om te werken zoals hij heeft gedaan. Links en rechts contacten leggen, investeren in het sociale netwerk, dat vergt tijd. Organisatie MEE wordt betaald uit de awbz. „We worden steeds meer gedongen in produktietermen te denken. Voor alles dat je doet is zoveel minuten beschikbaar. Het moet financieel verantwoord zijn.” Hoe dan ook, Ruud Souverijn maakte vele dromen waar. De vraag is hoe hij, nu zijn flexpensioen een feit is, zijn tijd gaat vullen. Hij gaat eerst zijn kinderen in New York en Zuid-Afrika bezoeken. „ Gelukkig woont er ook eentje in Deventer.” Verder heeft hij nog zijn bestuurfuncties bij het Twents Liturgie Koor en het koor 1 plus 1 is 3. Ook verzorgt hij samen met gehandicapten voorlichtingsbijeenkomsten op basisscholen. Hij is voorzittter van Stichting Sarvodaya die zich inzet voor gehandicapten in Sri Lanka. Kortom, nog werk genoeg. Hij blijft ook betrokken bij de koren. „Het 1 plus 1 is drie koor, daar kan geen stapel nota’s over integratie tegen op. We wilden van dat koor geen Jostiband maken met alleen maar verstandelijk gehandicapten. De 62 koorleden hebben allerlei vormen van handicaps. Het enthousiasme spat er vanaf als het koor zingt. Dat is genieten. Zo simpel kan het leven zijn.”
Bron> TC Tubantia 16 april 2010
|