MEE Twente Lees voor met Readspeaker
lees voor
Normaal lettertypeGroter lettertypeNog groter lettertype
kleiner lettertype
Navigatie » Home » Nieuws » Archief » 2010 » April » Meer dan knuffelen
Nieuws

Meer dan knuffelen

12-04-2010

Dienstverleenster. Zo noemt Kees (60) Anna. En zo ziet hij haar ook. Jarenlang kwam Anna regelmatig op bezoek om hem te helpen klaarkomen. Nu heeft hij daar minder behoefte aan. Zo eens in het half jaar vraagt hij haar om koffie te komen drinken als ze in de buurt is. „Dan hebben we geen seks. Een beetje praten is ook goed.” Dat kost hem niet veel. „Het tarief van een kennismakingsgesprek.’ De seksuele dienstverlener staat klaar om mensen als Kees, met een verstandelijke of lichamelijke beperking, te helpen. 

Bouwvakker Kees brak zijn nek en liep een hoge dwarslaesie op toen hij op zijn 27e van het dak viel. Hij was getrouwd en had een dochtertje. Die dag had hij niet eens hoeven werken, maar hij wilde wat extra geld verdienen. Na de val lag hij drie dagen in coma. Toen hij bijkwam, had hij geen flauw benul wat er was gebeurd. Laat staan van de ernst van de situatie. „Ik wilde meteen weer aan het werk.”
 
Maar hij moest maanden in het ziekenhuis blijven en daarna naar een revalidatiekli­niek. Hij zou de rest van zijn leven in een rolstoel moeten doorbrengen. „Ik wilde dat niet en kon het niet accepteren. Ik heb nog heel lang gedacht: ik ga zo weer aan het werk.’ In het revalidatiecentrum zei de arts tegen Kees dat hij zijn seksleven wel gedag kon zeggen. Met een hoge dwarslaesie zou het onmogelijk zijn een erectie te krijgen. Tot zijn opluchting kreeg Kees die op een gege­ven moment tóch. Na twee jaar werd hij ontslagen uit het revalidatiecentrum en reed met een aangepaste auto naar huis.
 
Hij ging niet bij de pakken neerzitten, liet zijn woning aanpassen, begon een koeriers­bedrijfje en bezorgde pakjes door het hele land. In de slaapkamer ging het ondertussen niet goed tussen Kees en zijn vrouw. „Zij wilde niet meer en ik legde me daarbij neer.” Toen hij op een gegeven moment een ritje naar Arnhem maakte, besloot hij in een op­welling naar het Spijkerkwartier te gaan, de hoerenbuurt. „Ik zal het nooit vergeten.
 
Daar stond Jolanda. Ze vroeg of ik binnen wilde komen. Nee, dat kan niet. Ik zit in een rolstoel, zei ik. Toen heeft haar vriend me binnengetild en op bed gelegd. Ze hielp mij masturberen, maar dat ging niet. Kom nog maar eens terug, zei ze. En dat deed ik, vier weken later. Toen haalde ze er een massageapparaatje bij. Dat gebruikte ze ook bij mensen die niet goed een erectie konden krijgen, bijvoorbeeld omdat ze veel dronken. Toen lukte het wel. Het bleek de oplossing voor mij. Ze had het ap­paraatje in een seksshop gekocht en ik heb er ook meteen eentje gehaald. Vanaf die tijd kon ik weer masturberen. Dat lukte eer­der niet, omdat ik een slechte handfunctie heb.

Helemaal gelukkig was ik! Ik was al zo­veel kwijtgeraakt en nu kon ik tenminste weer klaarkomen.’ Een paar jaar later kochten Kees en zijn vrouw een nieuw huis. Tijdens de verbou­wing bleek zijn echtgenote verliefd te zijn geworden op de buurman. Kees bleef al­leen achter. Hij had het er best moeilijk mee, maar dat zat ‘m meer in de manier waarop alles was gegaan. „Ik ben altijd erg onafhankelijk geweest en deed mijn eigen dingen. Na haar vertrek ben ik meer gaan sporten. Rugby, zwemmen.” In die tijd kwam Kees in aanraking met de Stichting Alternatieve Relaties (SAR). „Ik had geen vriendin nodig, omdat ik zo zelfstandig ben. Het ging alleen om de seks.”
 
Anna heette de vrouw die de SAR stuurde. Zo’n zes jaar lang kwam ze bijna elke maand bij Kees. „Nee, ik werd niet verliefd op haar. Het ging hoofdzakelijk om de seks. Zij gebruikte het massageapparaatje bij mij en dan kwam ik klaar.” Uit nieuws­gierigheid vroeg Kees een paar keer om een andere dienstverleenster. „Ik wilde wel eens wisselen.” Toch kwam hij steeds bij Anna terug. Nu hij zestig is, heeft hij veel minder behoefte aan haar komst en aan seks. „Ze komt nog af en toe, maar dan drinken we koffie en praten wat. Dat is ook goed.”
 
Kees vindt het goed dat er vrouwen zijn zo­als Anna. „Het zijn eigenlijk maatschappe­lijk werksters. Door mijn ongeluk heb ik een heel andere kijk gekregen op veel din­gen. Als je in het ziekenhuis of een revalida­tiekliniek hebt gelegen, zie je zo veel. Veel leed. Maar je gaat ook anders kijken naar je lichaam en naar de functies ervan. Zo word je bijvoorbeeld elke dag gewassen door ver­pleegsters. Dat is best intiem, maar het stelt niets voor. Het is gewoon hun werk.”
 
Bijna dagelijks rijdt een seksueel dienstver­lener van de SAR naar Twente. Dienstbaar aan mensen met een lichamelijke of ver­standelijke beperking, die zoals de stichting dat omschrijft ‘zoeken naar een alternatief voor een seksuele relatie.’ De cliënt belt met de SAR, een stichting zonder winst­oogmerk, en legt uit wat zijn wensen zijn en wat de aard van zijn handicap is. De sek­suele dienstverlener zoekt daarna contact met de cliënt en gaat vervolgens op weg.
 
De SAR heeft momenteel twintig van die dienstverleners ingeschreven; vijftien vrou­wen en vijf mannen, onder wie drie ho­mo- dienstverleners. Onder de dienstverle­ners zijn relatief veel mensen uit de zorg­sector die op het probleem stuitten, want het onderwerp ligt nog steeds in de ta­boesfeer. Ze rijden ‘s middags weg in hun auto en niemand weet waarheen. Samen leggen ze in heel Nederland en soms net over de grens zo’n 2000 seksbezoeken per jaar af.
 
Officiële cijfers over het gebruik van seksu­ele dienstverleners ontbreken. De SAR in Utrecht houdt wel een registratie bij. De stichting is een op ideële leest geschoeid contactbureau, naast bijvoorbeeld Fleks­zorg dat vanuit Amstelveen opereert. Daar­naast zijn er de commerciële escortbureaus die dames op pad sturen. Maar het is in kringen van mensen met een beperking be­kend dat die nogal prijzig zijn. Er zijn ook gevallen bekend van oplichting, waarbij mensen met een handicap letterlijk en fi­guurlijk uitgekleed worden.
 
Bovendien, niet alle escortgirls staan te trappelen om als seksuele dienstverlener op te treden van iemand met een zware handicap. Pakweg twee jaar geleden wilde de exploitant van het Almelose eroscen­trum ‘Marktstraat 13’ een escortservice voor gehandicapten beginnen. De klanten zouden worden begeleid door mensen ‘met ervaring in de zorg.’De escortservice zou voor Twentse begrippen ‘uniek wor­den in zijn soort.’ Maar uiteindelijk liepen de plannen stuk. „De dames wilden niet”, aldus de exploitant. Binnen de wereld van gehandicaptenorganisaties wordt echter aangegeven dat dit bureau de klant voor een uurtje dienstverlening veel te veel geld vroeg. Voor iemand met een WAO- of Wa­jong- uitkering is dat niet te betalen.
 
De dienstverlener van de SAR vraagt 85 eu­ro voor anderhalf uur contact. Dag mag iets uitlopen, maar de cliënt moet er geen misbruik van maken. Vier euro per contact is voor de stichting, de rest mag de dienst­verlener houden. Daar moet hij of zij za­ken zoals voorbehoedmiddelen en ver­voerskosten van betalen. De SAR gebruikt de inkomsten van pakweg acht mille om telefoon- en portokosten te betalen en de eigen website te onderhouden en reclame­folders te drukken. Eens per drie maanden komen de dienstverleners bijeen, voor in­formeel overleg en bijscholing.
 
De drijvende kracht achter de SAR is René Vercoutre, die onbetaald voorzitter van de stichting is. Hij zegt: „De SAR is nog steeds hard nodig.” Samen met Henk van Kope­ren richtte hij begin jaren tachtig de SAR op. Beiden zijn gehandicapt, maar hebben in de loop der jaren een vaste vriendin ge­kregen. Van Koperen was destijds bewoner van Het Dorp in Arnhem. Hij baarde lande­lijk opzien met een verhaal in Panorama.
 
Er was een foto bij van Van Koperen in zijn rolstoel met op schoot een prostituee uit het Arnhemse Spijkerkwartier. Hij wil­de een lans breken voor gehandicapten en hun seksuele wensen. „Er is na al die jaren nog weinig veranderd. Als ik naar een sek­sclub wil in mijn rolstoel, word ik niet geac­cepteerd. Ze houden geen rekening met mensen in een rolstoel, ik kom niet binnen vanwege drempels en zo. En de dames wil­len niet. Daarom werd de SAR opgericht.”
 
„De dienstverleners van de SAR houden rekening met diverse zaken. Het duurt in de regel wel even voordat een gehandicap­te is uitgekleed, dan moet hij op bed wor­den getild of gedraaid. Sommige gehandi­capten praten moeilijk. Het duurt wel een kwartier voordat ze hebben uitgelegd wat ze nu precies willen. Voor dames in een seksclub is dat te veel gedoe. En dan lig je alleen nog maar op bed. Je krijgt niet spon­taan een erectie.”
De naam Kees is verzonnen.
door Gerard Smink en Gertia Bredewoud

Bron> TC Tubantia 10/04/2010
Ga terug naar de vorige pagina
laatste wijziging: 12 april 2010

Ga naar: De Sociale Kaart
Ga naar: Vrije tijd, Recreatie & Sport
Ga naar: Vakanties
Ga naar: Bibliotheek
Ga naar: Ook jij! (let op: Opent in nieuw venster)